|
Nieuw Centrum Den Hoorn, zal het er ooit komen? [18.02.2009] Al langer dan 15 jaar wordt gesproken over de herinrichting van het centrum van Den Hoorn. In die periode leek het winkelcentrum in de dorpskern te verpauperen. Al gauw was de breed gedragen conclusie dat het centrum gewoonweg te klein was geworden. Door de steeds toenemende woningbouw in de omgeving is het potentieel aan winkelpubliek explosief gestegen. Helaas is de afgelopen jaren, behoudens ruzie maken, bitter weinig gebeurd waardoor de situatie alleen maar is verslechterd. Dit is niet alleen voor het winkelpubliek (voornamelijk de inwoners van Den Hoorn) heel vervelend, maar ook funest voor de kleine winkeliers in Den Hoorn. Het conflict tussen het college van Burgemeester en wethouders) en de Combinatie (de projectontwikkelaar) wordt nu voor de rechtbank uitgevochten. Op 6 februari j.l. is de eerste hoorzitting van de rechtbank geweest.
De vraag die een ieder zich terecht stelt is: waarom moet het zo lang duren, m.a.w. wat is eigenlijk het probleem?
Na een kort resume van de belangrijkste gebeurtenissen van de afgelopen jaren, zal worden getracht antwoord te geven op de bovenstaande vraag.
Kort resume
Volgens G.A.M. van Leeuwen ( de projectontwikkelaar) dateren zijn eerste contacten met de gemeente (toen nog gemeente Schipluiden) voor een nieuw centrum voor Den Hoorn van 1993. Aan de orde was te onderzoeken wat de mogelijkheden voor aankoop en ontwikkeling waren van het terrein van de meelfabriek. In 1998 is de meelfabriek gekocht door “GAMVELSPER”. GAMVELSPER is een groep initiatiefnemers bestaande uit G.A.M. van Leeuwen, de familie Van Velzen en Sperwer (tegenwoordig PLUS Vastgoed). In de volgende jaren blijkt bij de ontwikkeling van diverse plannen voor een nieuw centrum voor Den Hoorn, het terrein van de voormalige meelfabriek een centrale rol te vervullen. De plannen richten zich op de ontwikkeling van het gebied tussen De Look, Dijkshoornseweg, Prinses Beatrixstraat en Hoornsewal. Uitgangspunt was dat niet alleen de winkels, maar het hele gebied zou worden ingericht. Gesprekken tussen de gemeente en GAMVELSPER leiden pas in 2006 tot een concrete volgende stap, namelijk de ondertekening van de KBA (Koopbereidverklaring). Intussen is in 2005 de familie Van Velzen gestopt als partij in VELSPERWER. In januari 2006 doet GAMPLUS (overgebleven na het uitstappen van de familie Van Velzen) een bieding aan de gemeente. Dit als resultaat van zes jaar onderhandelen. Volgens GAMPLUS hebben zij op deze brief nooit een reactie van de gemeente ontvangen, hoewel deze brief wel mede de basis vormt voor de op 31 maart 2006 ondertekende KBA. In de KBA spraken partijen ondermeer af binnen twee maanden een overeenkomst te tekenen voor de integrale grond- en bouwexploitatie. Ruim een jaar later (4 juli 2007) stuurt de advocaat van de gemeente een brief naar de combinatie (GAMPLUS) waarin zij aangeeft dat de gemeente de gesprekken met de Combinatie afbreekt en gesprekken zal starten met andere partijen (lees andere ontwikkelaars). Na deze brief roept de Combinatie de hulp in van de rechter. In oktober 2007 gebiedt de rechter beide partijen om verder met elkaar te onderhandelen en verbiedt de gemeente om binnen 6 maanden met andere partijen in gesprek te gaan. Gedurende de zes maanden die daarop volgen wordt er geen overeenstemming bereikt. In juni 2008 doet een meerderheid van de gemeenteraad een oproep aan beide partijen om met elkaar in gesprek te blijven en via onderhandelingen de impasse te doorbreken. In het najaar van 2008 lijkt de gang naar de rechter echter onvermijdelijk.
Op 6 februari 2009 is de hoorzitting van de rechtbank gestart.
Waar gaat het om?
Zoals al eerder gesteld is op 31 maart 2006 de KBA (koopbereidverklaring) getekend. Volgens de KBA omvat het plan de realisatie van ca. 2.600 m2 bvo detailhandel (waaronder een supermarkt van ca. 1800 m2 bvo), 74 koopappartementen en 143 parkeerplaatsen.
Deze KBA kan beschouwd worden als voorbereiding op een nader te sluiten overeenkomst tussen de gemeente en de Combinatie. In de KBA is aangegeven dat deze overeenkomst binnen twee maanden getekend zou worden. Bijna drie jaar later zijn partijen het echter nog steeds niet eens geworden over de te tekenen overeenkomst.
Hieronder worden de drie belangrijkste geschilpunten op een rij gezet:
1. Bouwvolume en bouwhoogte
Onderdeel van de getekende KBA was een door (of in opdracht van) Volker Wessels Vastgoed (VWV) ontworpen stedenbouwkundige plan. De uitwerking van het centrumplan door de Combinatie moet passen binnen de randvoorwaarden van dit plan.
2. De kostprijs van de door de gemeente aan de Combinatie te verkopen gronden.
In de KBA staat dat de Combinatie de, voor het plan binnen de plangrens benodigde gemeentelijke gronden t.b.v. het plan voor een maximaal bedrag van 4 miljoen € van de gemeente koopt. Twistpunt is of de verkoop van de gronden geschiedt op basis van V.O.N. (vrij op naam) of K.K. (kosten koper). Het verschil is dat in het tweede geval de Combinatie over de 4 miljoen € overdrachtsbelasting verschuldigd is.
3. De kosten van de bodemsanering
In de KBA is hierover slechts gezegd dat partijen binnen twee maanden de grondrapporten zullen analyseren. De Combinatie gaat er van uit dat de gemeente de gronden in “goede staat” (lees: schoon) aan haar verkoopt.
Over de punten 2 en 3 hebben partijen (nagenoeg) overeenstemming bereikt. Belangrijkste twistpunt is op dit moment nog het eerste punt.
Daarover het volgende.
Na het ondertekenen van de KBA heeft de Combinatie het architectenbureau “Buro Van der Goes” (verder te noemen VDG) ingeschakeld om het plan verder uit te werken. Het eerste ontwerp van dit bureau (VDG-1) werd door de gemeente afgewezen omdat het niet aan de randvoorwaarden voldeed van de KBA. In oktober 2007 bepaalde ook de rechter dat het plan VDG-1 op enkele punten niet voldeed aan de randvoorwaarden zoals omschreven in het stedenbouwkundigplan van VWV (onderdeel van de KBA). Het wegnemen van de door de rechter gesignaleerde onvolkomenheden in het eerste ontwerp leidde tot het tweede ontwerp (VDG-2). Volgens de Combinatie voldoet het met het tweede ontwerp aan de door de gemeente gestelde stedenbouwkundige randvoorwaarden. De gemeente heeft echter ook dit plan afgewezen en heeft de Combinatie gevraagd een plan uit te werken met een geheel verdiept aangelegde parkeergarage (VDG-3). Het meest kenmerkende verschil tussen VDG-2 en VDG-3 is dat bij eerstgenoemde ontwerp, vanaf het plein een muur van 2 m hoogte zichtbaar is. Vervolgens is ook een ontwerp gemaakt met een muurhoogte van 1m (VDG-4) en een ontwerp waarbij de muurhoogte 1,5 m bedraagt (VDG-5). Van de varianten DG-2 t/m VDG-5 is de variant waarbij de parkeergarage geheel verdiept wordt aangelegd (VDG-3), de duurste variant. Dat is echter ook de variant waar de gemeente op dit moment voor gaat. De Combinatie stelt zich op het standpunt dat ze met VDG-2 voldoet aan alle randvoorwaarden van de KBA. Wil de gemeente een verdergaande variant, dan moet ze daartoe bereid zijn te betalen. Het financiële verschil tussen de twee uiterste varianten bedraagt enkele miljoenen euro’s.
Politiek- en maatschappelijk krachtenveld
De inwoners van Den Hoorn zijn het lange wachten op een nieuw centrum meer dan zat. Dat bleek ook uit een enquete die in 2008 door de winkeliersvereniging in Den Hoorn was gehouden. Er is veel onbegrip waarom het zo lang moet duren.
De winkeliersvereniging in Den Hoorn heeft diverse pogingen ondernomen om het proces positief te beïnvloeden. Deze pogingen hebben helaas tot nog toe niet het gewenste resultaat opgeleverd.
Ook de lokale politiek heeft zich de afgelopen periode met dit onderwerp beziggehouden. Er zijn wel duidelijke verschillen tussen de diverse partijen. Het CDA, de partij van de verantwoordelijke wethouder van de Berg, staat nog pal achter haar wethouder. Dat blijkt uit diverse publicaties in de krant en ook tijdens discussies in de gemeenteraad. De vraag is hoelang het CDA deze wethouder de hand boven het hoofd houdt. Ook de eenmansfractie De Jong volgt slaafs de verrichtingen van wethouder van den Berg. OGP kijkt genuanceerder tegen het probleem aan. Zij geeft aan dat het een brevet van onvermogen is om, na langer dan tien jaar nog steeds niet in staat te zijn, een goed plan te presenteren. De andere oppositiepartij “Mijn Partij” vindt dat de gemeente de fout in is gegaan met zo een “vage” KBA. Ook zij hebben sterke twijfels of het met deze wethouder zal lukken een nieuw centrum voor Den Hoorn te ontwikkelen.
De VVD, sinds kort collegepartij, zou samen met de oppositie de druk op de wethouder kunnen vergroten. Dat zou een logische stap zijn van een partij, waar ondernemers van oudsher sterk in zijn vertegenwoordigd.
De vraag blijft of de coalitiepartijen in de raad (CDA, VVD en Fractie De Jong) de politieke moed en de durf hebben om in te grijpen.
De rechtbank heeft op 6 februari jl. aangegeven dat De Combinatie met het ontwerp VDG-2 voldoet aan hetgeen partijen zijn overeengekomen in de KBA. Daarmee lijkt de gemeente de verliezende partij in dit conflict te worden. De rechtbank heeft de partijen 6 weken de tijd gegeven om er minnelijk uit te komen. Lukt dit niet, dan zal de rechtbank uitspraak doen.
| Er zijn nog geen reacties op dit bericht |
|
Terug naar nieuwsoverzicht |